coach dog
Coach hond
Coach hond
toestand van splitsing; handeling van scheiding; disjunctie, soort samengestelde propositie welke waar is als een van de alternatieven waar is (log.)
achterneef
tweehandig, met beide handen; onoprecht
toeval; onverwacht
Geslacht crocuta
riskant; zit gevaar in
uitneembaar; leeghalen (van meubels/ uitrusting)
ongedoopt (naar Christendom)
maandag