gloire
glorie; eer; praal; trots; schoonheid
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
glorie; eer; praal; trots; schoonheid
sterfgeval
onderwijzen, opvoeden
terechtwijzen, berispen
aan boord gaan; beginnen
met lakens beleggen; bedekken,…
loon, honorarium; leges; (school-,…
toekomstig, in de toekomst, de volgende
hoofdtuig; breidel; hoofd in de nek…
(op)vullen, volproppen