dominion
domein, rijk; heerschappij, macht
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
domein, rijk; heerschappij, macht
passend; aangepast
Peter (voornaam); Petrus (bode v. Jezus)
vinden; opzoeken; roepen (om de telefoon te beantwoorden); bladzijden nummeren
buffetjuffrouw, serveerster
dose (van medicijn), portie
vuil, vervuiling
proefnemer, iem. die proeven neemt
film (slang); einde van grafisch bestand (computers)
toegeven, bekennen; toelaten