accede

toetreden, ambt aanvaarden, troon bestijgen, instemmen, toestemmen

top

overtreffen, uitmunten, zich verheffen boven; toppen

eminence

hoge positie, hoge rang; titel; superioriteit; het zich onderscheiden; hoogte; heuvel; (Anatomie) lichaamsuitsteeksel, uitsteeksel in het lichaam (in bijzonder aan oppervlakte van een bot)