dribble
druppelen; kwijlen; dribbelen (sport)
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
druppelen; kwijlen; dribbelen (sport)
pan; aardewerk; kassa (bij pokerspel); grote hoeveelheid geld (i.d. spreektaal); hasjiesj (i.d. spreektaal)
gelukwens
bemoeien; hinderen, verhinderen; er je neus in steken; voorkomen
Agrippas (koning van Judea in de tijd van de Romeinse beheersing)
uitroep (om hulp, om God); verzoek; gebed
neigen; leiden; inspekteren; klanten bedienen
poreus, doorlatend
aanmoedigen, versnellen
breken (vnl. med.)