structure
structuur, gebouw
Nederlandstalige uitleg voor Engelse woorden.
structuur, gebouw
Legerofficier
mesenterium, darmvlies (in anatomie een laagje dat de darmen bedekt)
volgeling, trawant, handlanger, bediende, page
beetje; borreltje
kleurloos, saai
Van Kansas (land in Amerika)
Formulier klasse
sleep, gesleep; rem; gezanik, gezeur; (in computers) het slepen; (bij computers) voorwerpen (of tekst) op het scherm verplaatsen door de muisknop ingedrukt te houden; tegenkracht (zoals weerstand van lucht)
(Handelsmerk) voor een stilstaande trimfiets