trade deficit
handelstekort (verschil in balans tussen goederen die een land zijn ingevoerd en goederen die het land zijn uitgevoerd)
Nederlandstalige uitleg voor Engelse woorden.
handelstekort (verschil in balans tussen goederen die een land zijn ingevoerd en goederen die het land zijn uitgevoerd)
uitstaan, dulden
bevlekken, bevuilen, besmeuren; smetten, vlekken, smerig worden
Papoea (van de Papoea-stam uit Nieuw-Guinea)
Executive clementie
telegrafie (installeren van telegraaf-toestel en inwerkstelling)
een mondje vol (taal)spreken
asymptoot, rechte lijn die curve raakt in een punt in het oneindige
overgang, verhuizing; zielsverhuizing
Zoete calamus