majors
meerderjarige; majoor (mil.); hoofdvak (v. studie); hoofdvakstudent (AE)
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
meerderjarige; majoor (mil.); hoofdvak (v. studie); hoofdvakstudent (AE)
hard; ruw, grof; onbewerkt
rijweg; brugdek
biefstuk, steak, plak, lap vlees; (vis)moot (barbecuevlees)
Ami (Hebreeuwse voornaam)
ideaal; voorbeeld; verlangen; visioen
regionaal
overhevelen; oppompen op schip (gebogen buis gebruikt om vloeistof over te hevelen onder luchtdruk)
positief (bij fotografie); positieve pool (bij electriciteit); eenvoudige hoogte (in grammatica)
menu (ook in computers); (in computers) een lijst van opdrachten of mogelijkheden waaruit een keuze kan worden gemaakt