toupieren
touperen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
touperen
( aan ) jou
vergankelijk, voorbijgaand, ijdel
driebaans-
met een snorkel duiken
intransitief, onovergankelijk
( uit ) borstelen, afborstelen
( aan ) treffen, vinden
broodmager, graatmager, ( zo ) mager als een lat, spichtig
keurig, in de puntjes ( verzorgd )