beschießt
beschieten, bestoken
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
beschieten, bestoken
stevig, vast staand, stabiel
besluiteloos, weifelend
van de eer beroven, onteren
op zijn laatst, uiterlijk, ten laatste
stromen uit, ontstromen
attesteren, schriftelijk bevestigen, een attest geven ( voor )
bereid zich in te zetten
onmatig, overdadig, buitensporig
behelzen, inhouden