western
westelijk, west(en)
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
westelijk, west(en)
gymnastieklokaal; gymnasium, middelbare schoolopleiding, middelbare school voor begaafde leerlingen
pony, klein paard
doorboren (met de horens)
belegering, beleg
onder mandaat stellen
mevrouw (Duits)
krammen, nieten
Quaker (lid van pacifistische christelijke groepering)
zich matigen; afnemen; matigen