prächtigste
prachtig, schitterend
prachtig, schitterend
vooruitzetten, vooruitplaatsen
uitlopen, uitbotten, uitspruiten, uitschieten
wegglijden, afglijden
evacueren
fatsoenlijk, welgemanierd, welopgevoed, net ( jes )
bang maken
een spoor maken
galei
( jammerend ) tieren ( om hulp )