tearing down
afscheuren, afrukken; afbreken
afscheuren, afrukken; afbreken
af-, bewerking, uitvoering; techniek, bekwaamheid; werk
Snellere verpakking
iem. zijn zelfbeheersing verliezen
zonnecollector
Noorse eilandengroep in Noordelijke IJszee
dissonant, niet-harmonisch
oma (sl. v. grootmoeder)
diefstal
Joseph’s jas