infra
infra- (beginsel van een woord)
infra- (beginsel van een woord)
moedertaal
vertakt zijn, zich vertakken, op boom lijken, in vertakkende vorm als van een boom uitspreiden (ook ” arborize”)
Sleeplappen inspecteren
vechthaan (voor hanengevechten)
imidazole ((chemisch mengsel)
caravanserai, logement
Doorspoelen
Zee boot
de voorzienigheid; God