salle
kamer; plaats
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
kamer; plaats
malen; rondlopen, wemelen; slaan met een…
losvliegen; slingeren;gooien; werpen
tentharing; pin; kapstok
bedekken; overtrekken; inpakken
ontslaan, wegsturen, vrijlaten
schizofreen
bevruchten; vruchtbaar maken
niet uitnodigend; ongastvrij
het op zijn aangezicht neervallen;…