surpasser
overtreffen , te boven gaan
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
overtreffen , te boven gaan
afhellen; uitschenken
ziedend, woedend
adviseur; consultant
zwerven; dwalen
bevolken
verhelderen; reinigen; ophelderen
opdreunen
vooruit (ver-)oordelen
rommelen (v. donder); mopperen, brommen