rôdait
inbreken; interrumperen; africhten;…
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
inbreken; interrumperen; africhten;…
stilstaand; niet stromend; beschimmeld;…
fluiten; laten vloeien
liberaal worden; liberalisatie invoeren
overheersen; bovenaan staan; in voordeel…
afstand doen van; vervreemden
spijkeren; nagelen; vangen (van een…
anestheseren, verdoving toedienen, onder…
vloeibaar, niet vast, vloeiend;…
lezen; voorlezen; begrijpen; leren;…