forerons
boren; oefenen; doorboren, aanboren;…
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
boren; oefenen; doorboren, aanboren;…
zondigen
uileggen; uit de doeken doen
repeteren, herhalen
bederven; verwennen; kapot maken
snijden; verkorten; verlagen; knippen
geven; aangeven; toegeven; geven…
bonzen; pompen
niet elastisch
kruimelen; verkruimelen