délogerions
blijken te zijn; worden, gebeuren; te…
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
blijken te zijn; worden, gebeuren; te…
ontslaan, wegsturen, vrijlaten
piek; snoek (vis); douanerechten; tolweg
zegevierend, overwonnen, triomfantelijk;…
persen; drukken; aandringen; pressen;…
overhalen
iem. die kermt, kreunt
leeuwenwelp
van belang zijn; belangrijk zijn; aangeven; bevel geven; toespelen; mededelen; doorgeven
van panelen voorzien; varen