intercèdent
goed woordje doen; bemiddelen,…
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
goed woordje doen; bemiddelen,…
ankeren; verankeren
bespreken; goed overwegen
kam; kam (van kip); honing; heuveltop
onopgelost; in ongenade; zwervend
aanhechten, annexeren
paren vormen, copuleren; met elkaar in…
scheiden, verdelen
oplichten; ontrouw zijn; liegen
gehuurd