dormirais
slapen; uitrusten; liggen (- met)
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
slapen; uitrusten; liggen (- met)
van maag en darmen
heel schor; kwakerig
zich kronkelen
schroef, haak; uitsteeksel aan steen
lijden; boeten; verwond raken
sprenkelen, strooien, bestrooien
kalligrafie, (schoon)schrijfkunst
slecht, gemeen; stout; moeilijk;…
verbannen; wegzenden