sprintent
sprinten
Nederlandstalige uitleg voor Franse woorden.
sprinten
beven, sidderen, trillen, schudden
wie zich verplicht voelt jegens een ander; schuldeiser (jur.), crediteur, rechthebbende, aan wie men zich bij contract verbindt/verplicht
koninklijke kroon; decoratief…
omringen; insluiten; aanvallen,…
kan niet ontward worden; waar men zich…
krachtig protesteren, uitvaren,…
afbakenen, begrenzen
neerslaan, bezinken; (neer)storten,…
meeslepen, veroorzaken; dwingen; eisen;…