cut short
verkorten,stoppen,onderbreken;de mond snoeren
Nederlandstalige uitleg voor Engelse woorden.
verkorten,stoppen,onderbreken;de mond snoeren
Aspergillosis, schimmel (dierenziekte)
plunderen, roven
humeurig, wispelturig; slechtgehumeurd
Nictitating membraan
Indirecte uitdrukking
wekken
Nummers racket
pessimistisch (het zwart zien van de dingen, alles in kwaad daglicht stellen en het slechtste verwachten)
minister van handel (in amerika)