schwappe
plassen, gutsen, kletsen, klotsen, overlopen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
plassen, gutsen, kletsen, klotsen, overlopen
reglementeren
facultatief, niet verplicht
boniteit
verslaven
fijnmaken, kleinmaken
( noot ) muskaat
boenen
in staat om te werken
( vr ) eten