ablest
aflezen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
aflezen
eervol, vererend
mars !, ingerukt !, opschieten !
opereren
brullen, schreeuwen
stiefmoederlijk
bruikbaar, doelmatig, uitvoerbaar
verzorgd, goed onderhouden, keurig
( doen ) opschrikken
betalen