zerdrückt
platdrukken, pletten, fijnknijpen, verpletteren, kreuken
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
platdrukken, pletten, fijnknijpen, verpletteren, kreuken
decomprimeren
verorberen, naar binnen werken
opschepperij, grootspraak
voortmaken
gelovig, godsdienstig, godvruchtig
hullen, wikkelen in, bekleden
reanimatiepoging
verruilen, ( ver ) wisselen
veelzijdig