vorschiebst
naar voren schuiven, vooruitschuiven
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
naar voren schuiven, vooruitschuiven
scannen, een scan maken
nodig hebben
afschrijven, afzeggen
op basis van de eerste gegevens een prognose maken
wegjagen, verjagen, ( op ) jagen
gemeen, vuig, slecht, laag
kletsen, zwetsen, babbelen
stukadoor, plafondwerker
verifiëren, toetsen