kunterbuntem
kakelbont, bontgekleurd
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
kakelbont, bontgekleurd
beslissend, doorslaggevend, afdoend
afromen
wortelen, wortel schieten, stammen, zijn oorsprong vinden
protserig, protsig, opschepperig
er tegen, er tegenaan
van hoge geestelijke cultuur, geletterd, esthetisch, kunstzinnig
( weg ) duwen, ( weg ) stoten, van de bal zetten
ongevallig zijn, mishagen, niet bevallen
schrobben, ( schoon ) borstelen, boenen