Zertifikates
certificaat, diploma
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
certificaat, diploma
nadrukkelijk, met nadruk, krachtig
conditioneren
branding
schril, schreeuwend
uitvloeien, wegvloeien, uitlopen, uitstromen
proberen, beproeven, een poging doen
weldadig, weldoend, aangenaam
landingsbrug, aanlegsteiger, pier
overgaan, ( ver ) schuiven