Südkoreaners
Zuid-Koreaan
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
Zuid-Koreaan
plastisch, aanschouwelijk, beeldend
grappenmaker, grapjas, lolbroek
tennisbaan, tennisveld
woord (e) loos, sprakeloos
schoft, schurk, schoelje
vatbaar, begrijpelijk
kaakbeen
notarieel
delinquent, misdadiger, dader