beiderseitigen
wederzijds, onderling
wederzijds, onderling
verleidelijk, verlokkelijk, verleidend
gekleed, goed kledend
vijandbeeld
aanval, offensief
stoned zijn
pachten, in pacht hebben
onweegbaarheid, onzekerheid, risico ( ’s ), imponderabilia
in acht nemen, opvolgen, zich houden aan, nakomen
net