stellenloses
werkloos, zonder werk
werkloos, zonder werk
nuttig, bruikbaar, vruchtbaar
in hoogsteigen persoon
toekeren, toedraaien, toewenden
lijden, ondervinden, ondergaan
crisisbestendig, bestand tegen crises
overtrekken, overdrijven
traag, sloom, onhandig, log, plomp
wegtrekken, verhuizen, vertrekken
levensdoel