verhelfend
helpen, bezorgen, verschaffen
helpen, bezorgen, verschaffen
fatsoen
aangeven, aangifte doen van
duister, ( zeer ) donker
oplezen, oprapen, bijeenrapen, opvangen
impliceren, omvatten
adres
platdrukken, pletten, fijnknijpen, verpletteren, kreuken
platvoet
vol afwisseling