angleiche
aanpassen, gelijkschakelen
aanpassen, gelijkschakelen
schietklaar, schietvaardig
inperken, beperken, beknotten, inkrimpen
opmaak, verzorging, presentatie
kaak, kinnebak
pikant
ding, voorwerp
machtig, invloedrijk
ordinair, onbeschaafd
verlopen, zijn beloop nemen