transparenterem
transparant, doorzichtig, doorschijnend
transparant, doorzichtig, doorschijnend
omkoopbaar, corrupt
wedijver
begrip
schooi ( er ) en, ( af ) bedelen, klaplopen
beschaamd, schaamachtig, schuchter, zedig
stout, ondeugend, onhebbelijk
eentonig, monotoon
snappen, doorhebben
leider, aanvoerder