begriff
begrip
begrip
schooi ( er ) en, ( af ) bedelen, klaplopen
beschaamd, schaamachtig, schuchter, zedig
stout, ondeugend, onhebbelijk
eentonig, monotoon
snappen, doorhebben
leider, aanvoerder
( helemaal ) ledigen, leeggieten
groot vakmanschap, grote vaardigheid, meesterschap
zinnelijke roes, zinnenroes, zinsvervoering