ausbürsten
( uit ) borstelen, afborstelen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
( uit ) borstelen, afborstelen
kraai
nijgen, een buiging maken, buigen
verplaatsen, elders opslaan
harden, stalen, sterk maken
Latijns
prostitueren, te schande maken
engelengeduld
sanctie, dwangmaatregel, strafmaatregel
nouveau riche, pas rijk geworden