ironischen
ironisch
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
ironisch
regelen
( altijd ) te laat ( komend ), niet op tijd
( aan ) bellen, schellen
ziel, gemoed, hart, kern
waarderen, schatten, taxeren
figuurlijk, overdrachtelijk, metaforisch
delen, verdelen
kiemvrij, vrij van ziektekiemen
zin hebben, begeren