Markenzeichen
handelsmerk
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
handelsmerk
glanzend, blinkend, schitterend
vakkundig, vak-
peinzen, piekeren, prakkeseren, tobben, ( na ) denken
verkoopbaar, verhandelbaar
krachtig ( af ) wrijven, frotteren, afdrogen
afsluiten, barricaderen
meekrijgen
botsen, tegen elkaar ( aan ) knallen
strapless, zonder schouderbandjes