verdecktest
bedekken, toedekken, overdekken, verbergen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
bedekken, toedekken, overdekken, verbergen
vracht, lading, vrachtgoed
baard
betalen, bekopen
stadspoort
lekker, smakelijk
dralen, talmen, treuzelen
beuren, innen
nuttig, bruikbaar, voordelig
voortoveren, voorspiegelen, voorwenden