angebrachtest
passend, gepast, opportuun, zinvol, op zijn plaats
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
passend, gepast, opportuun, zinvol, op zijn plaats
( geld ) boete, bekeuring, straf
drinken
ahistorisch
liberaal, vrijzinnig, vrij
hulpvaardig, behulpzaam
legende
verkregen lustgevoel, ( meer ) genot
tribuut, cijns, tol
resistent