lindre
verzachten, lenigen, verlichten
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
verzachten, lenigen, verlichten
loodgieter
onscherp, niet scherp, vaag
rooster, raamwerk, traliewerk
opdwingen, opdringen
afgestudeerde, oud-leerling, abituriënt
toorn, kwaadheid, drift, woede
hurken
ontbladeren
onsportief