einrastetest
in elkaar sluiten, ineensluiten
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
in elkaar sluiten, ineensluiten
opleider, leermeester, leraar
breedgerand
zijn achterstand wegwerken, niet achterblijven
kwellend, pijnlijk, martelend
naïef
dealen
(moeder-) overste
transportabel, transporteerbaar, vervoerbaar
opsparen, bewaren