wuchsen
groeien, groter worden, wassen, toenemen, stijgen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
groeien, groter worden, wassen, toenemen, stijgen
verzamelen, bij elkaar nemen
rekbaar, elastisch
borstbeeld, buste
beursgenoteerd
geremd
vetarm
door de zeef doen
overleven, doorstaan, trotseren
rimpelen, fronsen, kreuken