Eindringens
indringen, binnendringen, doordringen
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
indringen, binnendringen, doordringen
wisselen, afwisselen, veranderen, overgaan
waardering, schatting
tuchtzaak
Oudhoogduits
klappen, kleppen, klapperen
( stand ) beeld
badmuts
( be ) horen, toebehoren, zijn van, toekomen
uitkijktoren