drohen
dreigen, bang maken
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
dreigen, bang maken
( vurig ) hopen
tennistoernooi
opschepperig, opsnij (d) erig, blufferig
afzetting, amputatie
strafschopgebied
lenen
snotteren, z’n neus snuiten
afranselen, een pak slaag geven
atoom