geradezu
gewoon ( weg ), bepaald, in één woord, welhaast
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
gewoon ( weg ), bepaald, in één woord, welhaast
sagenfiguur
insuline
proefpersoon
heten, de naam dragen
koopman, zakenman, handelaar
menigvuldig, veelvoudig, allerhande
gevoelvol, gevoelig
slaan, kloppen
kussen, zitting, bekleding