vorsprachst
vóórzeggen, voorspreken, reciteren
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
vóórzeggen, voorspreken, reciteren
destructief, vernietigend
aankijken, aanblikken, aanzien
samenkomst, bijeenkomst, vergadering, ontmoeting
koel, fris, koud
resocialiseren
overhandigen, overgeven, doorgeven, overdragen, overlaten
dubbele moord
volksvertegenwoordiger
drieling