fuchtelnd
zwaaien, gesticuleren
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
zwaaien, gesticuleren
gespierd, krachtig, sterk
recenseren, bespreken, beoordelen
verschieten, verpaffen
hoger, hoog
over zijn toeren, door het dolle heen
kosmopolitisch
oliebron
satirisch, hekelend, stekelig
vraatzuchtig, gulzig