Aufwände
aanwending, inzet, gebruik, verbruik, moeite
Nederlandstalige uitleg voor Duitse woorden.
aanwending, inzet, gebruik, verbruik, moeite
beleefd, hoffelijk, wellevend
scannen, een scan maken
ratelen, rammelen
schanddaad, schandelijke daad
al, reeds
vuurwerk
aanvallig, pril, zacht
ongeschoold
bevruchten, inspireren